Posts

FANTOOMPIJN

Afbeelding
De dag waarop de waarheid aan het licht komt, is er één waarvan je weet dat je hem niet zult vergeten. Je voert je handelingen net iets trager uit dan anders, alsof je je in een andere tijdzone bevindt. Misschien ben je wel met iets banaals bezig, net als ik. Ik wacht in mijn auto voor een stoplicht dat al verdacht lang op rood staat. Mijn ruitenwissers vegen ritmisch de voorruit schoon. Het is een uur of elf ’s avonds: het wegdek is zwart, de lucht is zwart. In het oranje schijnsel van een lantaarnpaal dwarrelen roestbruine herfstbladeren naar beneden. Net iets trager dan anders. Misschien ben ik niet toevallig in hetzelfde quartier waar het destijds allemaal gebeurde. Ik kijk om me heen. Ook de huizen zijn zwart. Hun deuren gesloten, hun vensters verduisterd. De straatverlichting doet de natgeregende richeltjes blinken. Horizontale en verticale lijnen, alsof de nacht wordt opgedeeld in een simplistische tabel. De dag waarop de waarheid aan het licht komt, huil je geen seconde. W...

Recensie 'Ik haat het internet'

Afbeelding
'Het slechte boek dat u nu leest telt zo’n 76.500 woorden' Zit de wereld te wachten op een slecht boek? Volgens Jarett Kobek wel. Met  Ik haat het internet  geeft hij een morele les over het digitale tijdperk. Smakelijk leesvoer is het niet en dat is allicht de bedoeling: ‘Dit is een slecht boek. De plot, net als het leven, leidt nergens naartoe.’ tekst en illustraties: Fleur van Groningen Mocht iemand me zeggen: ‘Je moet Aurelie écht eens ontmoeten, ze lijkt wat op Marleen, heeft trekjes van Jeroen en ook wat eigenschappen van Elspeth’, dan zou ik niet staan te popelen om nader met haar kennis te maken. Zelfs al was ik al jaren dol op Marleen, Jeroen en Elspeth. Dit soort uitspraken schept immers verwachtingen die mogelijk niet ingevuld kunnen worden en suggereert bovendien een ontmoedigend gebrek aan eigenheid. Misschien was het daarom dat ik onmiddellijk weerstand voelde bij het lezen van Ik haat het internet, de eerste roman van de Turks-Amerikaanse auteur Jarett Ko...

DEZE MAN

Afbeelding
Zacht zwaait de deur van de slaapkamer open. Het fletse maanlicht trekt een streep over het bed. Mijn kat en ik knipperen met onze ogen. “Hey.” Zijn stem breekt de nacht in twee. Hij kleedt zich uit. Eerst zijn broek, dan zijn trui. Slaperig gluur ik naar zijn blote billen. “Ik ben naar huis gekomen…”, fluistert hij terwijl hij onder de donsdeken kruipt en zijn warme lijf tegen het mijne drukt, “…om je wat liefde te geven.”Behaaglijk druk ik me tegen hem aan. In zijn hals probeer ik zijn geur op te snuiven. Het lukt niet. Verstopte neus. “Ik kan niet geloven dat je er bent!”, fluister ik terug. Zelfs mijn fluisterstem klinkt snotterig. “Hoe laat is het?” “Een uur of vier.” Hij slaat zijn armen om me heen. “Ik stink waarschijnlijk wel een beetje”, waarschuw ik. Bij wijze van antwoord drukt hij zijn neus in mijn zweterige haren. Sinds een week ben ik ziek. Ik kon niet naar de winkel of de apotheek, leefde op wat de voorraadkast te bieden had en fantaseerde over neusspray en citroene...

Mediumtalk

Ze noemen het smalltalk. Gesprekken waarbij er enkel oppervlakkige informatie wordt uitgewisseld. Sommige mensen zijn daar ongelooflijk bedreven in. Zo heb ik al aan tafels ­gezeten waarbij er anderhalf uur wordt gesproken over de voor- en nadelen van vloerverwarming, waarop de conversatie naadloos overging in een drieënhalf uur durende uiteenzetting over cementsluierverwijderaar. Het alternatief lijkt vijf uur ruzie­maken over politiek. Al bestaan er ook mensen die uitstekend hun activiteiten kunnen opsommen zonder zich af te vragen of de ander daar iets aan heeft. Zo'n emotiearme monoloog wordt meestal monotoon afgevuurd en gaat ongeveer als volgt: “We zijn naar de markt geweest voor nieuwe kousen, want die van onze Patrick waren versleten, daarna zijn we een koffie gaan drinken bij Maria op de hoek, daar zaten Magda en Danny, die waren onderhemdjes gaan kopen, 's middags hebben we een wafel gegeten en het regende, weeral, we zijn dan met de kinderen naar de cinema gegaan...

Goeroe Gooris

Afbeelding
Sommigen vinden het het leukste tv-programma ter wereld. Anderen zeggen dat “we niet mogen vergeten dat het máár een quiz is”. Of beweren dat het om “seksistische propaganda verpakt als een quiz op een machozender” gaat. In mijn ogen evolueerde ‘De Slimste Mens ter Wereld’ maandag van hapklaar zetelentertainment naar regelrechte levensinspiratie. Dat kwam door zanger Sam Gooris. Sam deed niet mee aan de populairste televisiequiz van Vlaanderen om zijn imago op te poetsen, beroemder te worden, te laten zien wat voor geile benen hij heeft, kiezers rond zijn vinger te winden of een comeback te forceren. Hij had geen verborgen agenda, verfoeide alle tactische flauwekul. Ook aan rivaliteit bezondigde hij zich niet. Sam kwam gewoon gezellig een ‘tv-spelleke’ spelen. Helemaal zichzelf én attent voor zijn omgeving. Wat een verademing. Zo kan je dus niet alleen in een quiz zitten, maar ook in het leven staan. Niet proberen de slimste te zijn. De mooiste. De grappigste. De beste in bed. Die...

Hup, hup, hup

Afbeelding
Langzaam fiets ik naar boven, de brug op. Beschaamd omdat het niet vlotter gaat. Een wielrenner steekt me voorbij. Hij draagt een strak, helrood pakje, met zilverkleurige tussenstukken en een bijbehorende grijze helm, die onverbiddelijk blinkt in het slaperige herfstlicht. De wielrenner gaat rechtop op zijn trappers staan en draait zijn hoofd naar me om. “Hup, hup, hup!”, roept hij luid. Ik staar hem aan en zie hoe zijn magere, in lycra gestoken achterwerk als een balletje in een flipperkast de verte in schiet. Zijn silhouet is het uitroepteken achter zijn woorden. Ja, de hele man lijkt wel een symbool. Voor dat leven van tegenwoordig. Alles moet sneller, flitsender, met een verbijsterend resultaat. Want we weten allemaal hoe kort de aandachtsspanne van onze ongeduldige medemens is geworden. Hup, hup, hup! Van de weeromstuit houd ik halt. Ik zet mijn linkervoet op de houten balken van de brug en kijk uit over het water. Naar het fletse zonnetje, de wolken, de spiegelende rivier waar...

Gratis hoofdpijn

De muziek schreeuwt, de discolichten flitsen, de drank vloeit rijkelijk en iedereen is iemand of wil iemand zijn: beroemd, succesvol, mooi, getalenteerd. Toen je de invitatie voor dit feest kreeg, bezorgde dat jou even het gevoel dat je er dan toch een tikkeltje toedoet. Gewoon omdat je plots tot het selecte gezelschap blijkt te horen dat voor dit soort glamoureuze gelegenheden uitgenodigd wordt. Verder is er niets veranderd. Jij bent nog steeds jij. Je staat in je slobbertrui en oude trainingsbroek bij de brievenbus en houdt een goudkleurige enveloppe in je hand. Maar toch. Even laat je je ego strelen, héél even, omdat het zo lekker is. Het maakt de ochtend wat minder grijs. De avond zelf. Overal om je heen: bekende koppen, flitsende camera’s, lachende en dansende mensen, mooie kleren, tafeltjes met lege glazen, gespannen obers met vrolijke strikjes. Je draagt een jurk die je thuis mooi vond maar waarover je nu je twijfels hebt. Je voelt je een verkleed boerinnetje in de grote stad...